Derde Innovation Meetup over next level risk management in de circulaire tuinbouw

dinsdag, 19 november, 2019

Op donderdag 7 november vond de derde TKI Innovation Meetup van dit najaar plaats. Onder de titel “High Risk: next level risk management in de circulaire tuinbouw” bezonnen de deelnemers zich op belangrijke vragen rond risico’s in de tuinbouw. De achtergrond van de deelnemers liep uiteen van voedselveiligheid en risicomanagement tot verzekeringen en overheden. Het dagvoorzitterschap was in handen van Harrij Schmeitz.

Na de opening van de bijeenkomst door Gert Stiekema, secretaris van Topsector Tuinbouw & Uitgangsmaterialen, werd de keynote gepresenteerd door dr Hans Maurer (United Fresh New Zealand). In zijn lezing ging Maurer in op een grote crisis in de Nieuw-Zeelandse zuivelindustrie in 2013 die het gevolg was van een (vermeend) voedselveiligheidsschandaal. Als in een detective pelde Maurer af hoe deze crisis, die draaide om een vermeende botulismebesmetting in melkpoeder, kon ontstaan in een bedrijfstak die verantwoordelijk is voor 25% van de Nieuw-Zeelandse exportwaarde én nauw samenhangt met het imago van Nieuw-Zeeland als betrouwbare leverancier van hoogwaardige verse producten. De vele lessen die uit deze crisis geleerd kunnen worden zijn grotendeels ook van toepassing op de tuinbouw, waar ook vergelijkbare risico’s bestaan. Voorbeelden van dergelijke lessen zijn:

  • Risico-analyses dienen gemaakt te worden door personen die over de daarvoor benodigde competenties beschikken.
  • Hokjesdenken belemmert het omgaan met complexe issues in voedselketens.
  • Belangrijke beslissingen moeten worden genomen op basis van formele processen, en niet via uitwisseling van emailberichten.
  • Wanneer voedselveiligheidstoetsen worden uitgevoerd, moet het zowel voor de opdrachtgever als het voedselveiligheidslab duidelijk zijn wat het doel van de test is.
  • CEO’s moeten ervoor zorgen dat de procedures in hun bedrijf de doorstroom van belangrijke informatie naar de hoogste niveaus niet in de weg staan.

Na deze inleiding was er gelegenheid voor discussie met de zaal over de vraag “wat zijn de belangrijkste risico’s in de tuinbouw, en nemen de risico’s toe?”. Deze discussie werd geleid door Clemens Stolk. De interactie met de zaal werd bevorderd doordat er via een app gestemd kon worden naar aanleiding van enkele vragen en stellingen. De deelnemers zagen biologische risico’s, en in het verlengde daarvan reputatierisico’s, als belangrijkste risico’s. Met ‘belangrijk’ werd gedoeld op de combinatie van de kans dat zich iets voordoet, maal de schade die zo’n incident kan veroorzaken. Over de vraag of onder biologische risico’s alleen ‘fytosanitaire’ plantenziekten en -plagen worden verstaan (die geen bedreiging vormen voor de volksgezondheid maar er wel voor kunnen zorgen dat grenzen dichtgaan), of ook humane pathogenen, werd geen overeenstemming bereikt. Sommigen waren van mening dat er, in navolging van de Verenigde Staten, meer aandacht nodig is voor voedselveiligheid in de tuinbouw; anderen wezen erop dat het Nederlandse systeem heel anders is ingericht dan het Amerikaanse en dat de voedselveiligheid hier goed is gewaarborgd. De overgrote meerderheid van de deelnemers zag de risico’s in de tuinbouw toenemen, onder andere door nieuwe regelgeving. De meerderheid probeert in de eerste plaats de risico’s voor het eigen bedrijf te beperken en een tweede groep vindt dat dit in de eerste plaats een sectoraangelegenheid is. Helder is dat een aanscherping van het systeem gesteund door innovaties een volgende stap is.

Na de pauze was het de beurt aan Prof. Miranda Meuwissen, hoogleraar cost-effective risk management in food supply chains aan Wageningen Universiteit. Aan de hand van drie cases ging ze in op de vraag: zitten we nog op koers? De eerste casus was die van de Brabantse varkenshouderij in de periode 1870-2017. In vijf fasen schetste zij de ontwikkeling van deze bedrijfstak gedurende deze lange periode. Het kijken naar een sector over zo’n lange periode zet bedreigingen en risico’s in een ander licht – immers, eerdere crises zijn ook overwonnen. De tweede casus was die van een grote Europese studie naar de veerkracht van agrarische bedrijfssystemen in 11 Europese regio’s. Via een gestructureerde aanpak die bestond uit vijf stappen, werden voor iedere regio vier processen ingedeeld in vier categorieën. De vier processen waren landbouwpraktijken, demografische ontwikkeling, governance en risicomanagement. Elk van deze vier processen werd beoordeeld naar de fase in de ontwikkelingscyclus: is er sprake van groei; van behoud wat er is; van ineenstorting; of van reorganisatie en herstel? Met uitzondering van enkele groeiregio’s bleken de meeste regio’s hoog te scoren op de fase ‘behoud van wat er is’. De derde casus betrof een serie interviews en een bijeenkomst eerder dit jaar met grote agrarische bedrijven. Uit die gesprekken bleek dat grote bedrijven een andere verzekeringsvraag hebben dan kleine bedrijven (leveringsgarantie richting de afnemers is belangrijker dan schadeherstel) en dat er onderlinge solidariteit minder vanzelfsprekend is. Tegelijk was de optimistische en positieve houding van deze ondernemers opvallend. Zij zien groei als risicomanagement-strategie en profiteren van bijvoorbeeld betere leveringscondities aan supermarktketens. Rode draad in alle drie de cases was de drieslag robustness, adaptability en transformability. Hierbij is het speeldveld duidelijk aan het veranderen.

De aansluitende discussie, opnieuw onder leiding van Clemens Stolk, ging verder in op strategieën voor risicomanagement. Relatief veel deelnemers zagen goede crisiscommunicatie als belangrijkste maatregel om risico’s in te perken. Daarbij is goede samenwerking, bijvoorbeeld in een brancheorganisatie, eigenlijk altijd van belang. Ook het investeren in onderzoek, scenariostudies en draaiboeken om risico’s rond quarantaine-organismen in beeld te krijgen en in te perken werd als belangrijk gezien. Geen van de deelnemers zag een leidende rol voor de overheid zag weggelegd in het beperken van risico’s – een  opmerkelijke uitkomst aangezien nieuwe regelgeving wel als oorzaak voor de toenemende risico’s werd gezien. We moeten het als ondernemers zelf doen – en we willen het ook zelf doen!

De bijeenkomst werd afgesloten met een netwerkborrel. Bekijk de alle presentaties op www.IMPACT2025.nl